Gelukkig, het was eindelijk gestopt met regenen. De afgelopen anderhalve dag had het aan een stuk door geregend, maar voor vanochtend werden er ook opklaringen verwacht. Rond kwart voor 10 kwamen de 19 deelnemers voor de soepwandeling in het Trefpunt aan, om te beginnen met koffie.

 

Er stond een wandeling van ongeveer 8 km op het programma en daar wilden we zo’n 2 uur over doen, dus geen studie op de vierkante centimeter, maar rustig wandelen en genieten van het landschap. Rien was onze gids en Joke had een pan heerlijke soep gemaakt, die we na afloop zouden nuttigen.

Vanuit het Trefpunt staken we de weg over en liepen door het Hoge Bergse Bos. De bruggetjes die we over moesten waren, waarschijnlijk voor een spannend evenement, gebarricadeerd. We moesten dus direct al klimmen. Over modderige paadjes liepen we onder langs de Middenbult en omhoog naar het Evenemententerrein achter de Skiberg.

Daarvandaan hadden we een mooi uitzicht op de Wiebertjes. Het onderhoudswerk dat de Natuurwerkgroep van Rotta daar verricht, werpt zijn vruchten af. Het is nu een prachtig gevarieerd gebiedje, dat dankzij de takkenril heerlijk rustig is en waar vogels dus ongestoord kunnen verblijven. Een man Torenvalk ging er in een van de Berken zitten. We vervolgden onze weg noordwaarts, terwijl er een Sperwer over onze hoofden vloog. Een groep van zeker 100 Koperwieken vloog wat hoger over, naar het westen. Bij boer Hoogerbruggen probeerden we de Steenuil in beeld te krijgen, maar die zat met dit weer waarschijnlijk lekker in zijn kast. En gelijk had hij, want we hadden toch af en toe een stevige bui regen. In de weilanden achter de boerderij zitten ’s winters vaak veel Stormmeeuwen. We zagen 5 ‘rammelende’ Hazen die achter elkaar aan renden en elkaar met de voorpoten sloegen. Het voorjaar komt er aan! Een enkel bloempje van de Paarse dovenetel stond al in bloei.

We volgden het schelpenpad dat loopt over de Molengang, tussen de rietlandjes door (Middengebied-west), waar net een deel van het riet gemaaid was. En verder langs de Essenbosjes naar gemaal de Kooi. Die Essenbosjes zijn met hun dunne stammetjes erg saai en eentonig. Het zou mooi werk voor de Natuurwerkgroep zijn om daar wat meer variatie in aan te brengen!

Via de Pekhuisbrug staken we de Rotte over. Futen en Gaaien werden bewonderd. In een weitje, onderaan de Rottedijk stond een Blauwe reiger stil te loeren. Opeens schoot hij naar voren en had een vette muis in zijn snavel. In de wandelgroep werd al druk gespeculeerd hoe hij dat beest naar binnen zou gaan werken en hoe lang dat zou gaan duren. De Reiger trok zich daar niets van aan. Met één beweging slingerde hij de muis naar binnen, slikte even, stapte toen weg, schudde zijn veren en ging zich staan poetsen. Een mooi gezicht. Begeleid door Huismussen-getjilp en gekoer van Turkse Tortels liepen we verder.

We kwamen langs De Bonk en mijmerden over de Grutto’s en Kieviten, die daar in het verleden altijd broedden. Zouden ze dit jaar weer hier komen om te broeden, of zouden ze het voor gezien houden en het aan de Grauwe Ganzen over laten?

Het zonnetje kwam door en overal zongen de Heggenmussen! Langs de Nessepolder, over de Rottebanbrug liepen we weer terug, richting Trefpunt. Langs de Rotte staken de eerste roze bloeiaren van het Groot hoefblad hun koppen boven de grond en een enkel geel bloemknopje van het Speenkruid stond klaar om open te gaan.

In het Trefpunt ontvingen Joke en Louise ons met verrukkelijke pompoensoep en heerlijk vers brood. Met dank aan de familie van der Vorm hadden we een fijne Rotta-wandeling, waarvan we in ons mooie Trefpunt nog lekker konden nagenieten.

Verslag en foto's: Aria van Ballegoie